Fort St. James, British Columbia, Canada; de Caledonia Classics

Mass_start_Caledonia_Classic_Dogsled_Race

 

 

 

 

 

Mijn laatste kwalificatie wedstrijd. Een 200 mile race (320 Km).
Een 160 Km loop die twee maal moest gelopen worden; 90Km aan bergen en 80Km over een groot meer.
Het weer leek uitstekend. Dag temperaturen rond -5°C en nacht temperaturen om en bij de -10°C/-15°C. Wat wel voor de verrassing had gezorgd was hevige sneeuwval en hevinge rukwinden, die van deze ‘eenvoudinge’ kwalificatie wedstrijd plots een uitdaging werd vergelijkbaar met de Yukon Quest.

Vrijdag, 6 Maart 2009 om 8 uur in de ochtend was het zover. 10 teams stonden klaar om deze 320Km lange race af te werken. Het was een massa start op het grote meer bij Fort St. James. Alles verliep vlotjes en kon me vrij goed plaatsen en niet veel later liep ik in een comfortabele 4de plaats, mijn broer volgde me dan met het tweede team in 5de positie. Het was ongeveer 16Km tot we grond onder onze voeten mochten voelen in plaats van ijs. Meteen een stevige klim om van 650meter hoogte naar 1300 meter hoogte te gaan in slechts enkele Km. Een voor een kregen de teams voor mij last met de stevige klimmen en niet veel later schoof ik zodoende op tot de 3de plaats. Pas in de tweede grote klim kon ik ook nummer twee inhalen en me zo nestelen in de tweede positie. Na 90Km van klimmen en dalen begon het platte werk van ongeveer 80Km. Een groot meer dat ons terug zou brengen tot ‘Camp Morice’, 100 mile checkpoint van de race. Ik zag niemand voor mij nog achter mij. Het stelde me gerust dat ik niemand achter me zag, maar toch was er iets in mij bezorgd dat ik de koploper niet voor me zag. Want in daglicht kon ik al snel tientallen Km voor me uitzien. Het probleem is dan dat personen zo klein worden in die afstanden dat ze nog met moeite zienbaar zijn.

Ik besloot ook een 160Km run in een trek te doen met slechts om het uur een stop en om de twee uur daarbij een snack voor de honden. Afstanden die in een Yukon Quest of Iditarod dagelijkse kost zijn. 
Hoedanook, 8 uur en 57 minuten later kwam ik aan in Camp Morice. Daar lag me een 6 uur verplichte rust te wachten.  Moe maar tevreden zag ik dat ik slechts 14 minuten achter liep op de eerste.  Zijn team is sneller daar hij vooral aan stage racing doet. Maar wat vaak ook blijkt is dat zulke ‘snelle’ teams hun vaak opbranden in de langere runs. Het had dus geen zin me druk te maken en kalm te blijven. De mentale zet kwam nu aan de beurd en het moment om wat zand in ieders ogen te strooien. Ik vertelde dat ik naar alle waarschijnlijkheid 8 uur ipv de verplichte  6 uur ging rusten en dat mijn honden moe waren, dat ze de rust konden gebruiken. 
Maar in mijn achterhoofd wist ik wat ze aankonden. Ik liep in de Canadian Challenge 190Km runs met korte rustpauzes van enkele uren alvorens een grotere 6 tot 8 uren rust in te lassen. Met andere woorden, mijn honden hadden niet veel rust nodig. Zodoende stonden ze na 4 uur al weer op hun poten, afvragend waar hun musher bleef. Toen ik aankwam kreeg ik van hen een blik zo van ‘hey, we zijn er klaar voor, ik hoop jij ook!’ 

Maar ik na 3 uur rusten was ik ook bij mijn leiders gaan liggen om wat te slapen. De indruk geven dat ik niet echt van plan was competitief een plaatsje op te schuiven. Hoedanook, na 6 uur begon de musher die eerst in Camp Morice aankwam zich klaar te maken. Met slechts 14 minuten tussen mij en hem maakte hij zijn eerste fout door inefficient om te gaan, hij verspilde een paar extra uur en zodoende verkleinde het get tussen mij en hem met slechts enkele minuten. Ik vertrok vrij kort na mijn 6 uur rust met een team dat zeer gedreven en gemotiveerd was. Eens op het meer begon het weer echter om te slaan, plots begon het hard te waaien en te sneeuwen, niet veel later was de trail ingeblazen en zag ik nog met moeite mijn leiders… een ‘whiteout!’ 

Maar gelukkig konden mijn leiders het goeie spoor volgen tot in de bossen. Daar was er minder wind, doch zeer guur met al de sneeuw die toen viel. Er was ook enkele minuten voor ons een sneeuwscooter vertrokken om de trail weer wat zichtbaar te maken, wat ook een beetje hielp.

Niet veel later kwam ik de eerste musher tegen. Mijn indruk in Camp Morice bleek de juiste te zijn. Hij had zijn team te hard laten lopen in de eerste 160Km en met slechts 6 uur rust na een 9uur run liepen de batterijen van dat team stilaan leeg. Ik nam de koppositie in die ik later niet meer zou vrijgeven!

Eens de bergpassen over en de laatste 80Km aan ‘lake travel’ begon er toch even wat paniek te ontstaan. De trail was weg, de reflectieve markeringen waren amper zichtbaar en er was zo’n 15Cm driftsneeuw. Bovenal was het donker en waaide het hard. Ik moest iets aan mijn teamstelling doen. Ik verandere mijn leiders naar een leider die zeer sterk is in het enkel leiden (mijn single lead leader van de Canadian Challenge). Hard werkend zwoegde we ons door de storm naar de finishlijn. Echter daar liep het mis. Ik verloor de trail en week af. Echter, de regel zegt wie afwijkt, moet terug keren waar hij afgeweken is of krijgt een tijdspenaltie. Ik wist niet waar ik de trail had verlaten maar wist wel waar ik heen moest gaan. Dus ik nam dan een tijdspenaltie aan en kwam over de finish na ongeveer 24 uur en 30 minuten race tijd. Een stevige run voor 320Km!!
Tot mijn grote verrassing had mijn broer zich opgewerkt naar een tweede plaats en zodoende keerde Akela’s Den naar huis met wederom de twee hoogste plaatsen van de race. 

Het is bij mijn weten nooit gezien dat een team die zich kwalificeerd beide kwalificatie wedstrijden dan ook wint! Wederom een Belgisch succes in het Canadeesche noorden!
Tot de volgende,

Bart De Marie

resultaten klik hier